Jump to the content

 

Home > Archive > 2007 > Limperg Dag/ UvA alumnilezing
logo frontiers
Dissertation of the year
Research Organizations
NOBEM Organization
PREBEM
Links
Jobs
Archive
 
 Contact
 Sitemap
 Search
 

Limperg Dag/ UvA alumnilezing

Next page 1 / 2

UITNODIGING

LIMPERG DAG / UVA ALUMNILEZING

11 mei 2007

Het ‘in control statement’-

zegen of vloek?

Marketing picturesLogo Limperg Instituut

Het bestuur van het Limperg Instituut en het bestuur van de Post Master Accountancy Opleiding van de UvA hebben het genoegen u uit te nodigen voor het bijwonen van de

LIMPERG DAG & UVA ALUMNI LEZING

Op 11 mei 2007

van 13.30 uur tot 18.30 uur

Universiteit van Amsterdam, Faculteit Economie en Bedrijfskunde, Roetersstraat 11,

1018 WB te Amsterdam, zaal A gebouw A

Het onderwerp van de Limperg dag/ UvA Alumnilezing zal dit jaar zijn:

Het ‘in control statement’-

zegen of vloek?

Dit thema zal worden belicht vanuit een viertal perspectieven, namelijk vanuit het perspectief van het bestuur, de raad van commissarissen, beleggers en vanuit het juridisch perspectief. Voor details zie het bijgevoegde programma.

Ook zal de Limperg Penning worden uitgereikt aan een man of vrouw die zich op het terrein van de bedrijfseconomie of accountancy bijzonder heeft onderscheiden.

De Limperg dag wordt jaarlijks door het Limperg Instituut georganiseerd. Het Limperg Instituut is een interuniversitair instituut voor accountancy. Tijdens de Limperg dag staat een onderwerp centraal dat actueel is voor de praktijk en de wetenschap van de accountancy en dat daarnaast een bredere, maatschappelijke uitstraling heeft. De Limperg dag wordt dit maal gecombineerd met de jaarlijkse UvA Alumnilezing.

Voor aanmelding zie bijlage. Aan deelname zijn geen kosten verbonden.

Routebeschrijving

Voor een routebeschrijving naar de Universiteit van Amsterdam, kijk op http://feb.uva.nl/actueel/route.cfm. Voor de exacte locatie van het A-gebouw klikt u in deze pagina op de link “overzicht” onder het kopje “Plattegrond Roeterseiland-complex.”

Het ‘in control statement’ – zegen of vloek?

Wat is de waarde van het ‘in control statement’? Wordt hierdoor de kans op het behalen van de ondernemingsdoelstellingen vergroot? Komt dit statement de beurswaarde van de onderneming ten goede en worden toekomstige grote debacles voorkomen? Wordt de nachtrust van commissarissen en aandeelhouders hier beter van? Of is het slechts een feest voor de compliance officers en accountants die hier goed geld aan verdienen. Schiet de behoefte aan verantwoordingsinformatie door en zijn de kosten die het evalueren en documenteren van internal controls hoger dan de baten?

Deze en vele andere vragen over het ‘in control statement’ komen op de Limperg dag aan de orde.

In veel landen wordt sinds financiële debacles aan directies gevraagd om de effectiviteit van de interne beheersingssystemen (internal control) te evalueren en daarover een verklaring (statement) af te geven.

Deze vereiste is begin van de jaren 90 van de vorige eeuw ontwikkeld naar aanleiding van Barings, BCCI en Maxwell en vastgelegd in de corporate governance code die onder leiding van sir Adrian Cadbury tot stand kwam. Ook in Nederland is het afgeven van een dergelijke verklaring opgenomen in de Code Tabaksblat. Met name in de Verenigde Staten wordt de discussie over de waarde van een ‘in control’ verklaring gevoerd. De vereiste hiertoe is in de Sarbanes Oxley wet uit 2002 vastgelegd. In tegenstelling tot Nederland en het Verenigd Koninkrijk, wordt de verklaring van het management door de externe accountant gecontroleerd. Omdat voor in Amerika genoteerde bedrijven het principe van een “level playing field” geldt, zijn de vereisten ook van kracht voor buitenlandse – in Amerika genoteerde – bedrijven. Vanwege de enorme kosten die de Sarbanes Oxley wet met zich meebrengt wordt aan verlichting van de vereisten gewerkt. Niet in de laatste plaats vanwege de concurrentie van de Engelse en Aziatische kapitaalmarkten. In Nederland zijn door de Commissie Frijns nadere aanwijzingen geformuleerd hoe met een ‘in control statement’ dient te worden omgegaan. In de praktijk blijken Nederlandse ondernemingen hier op verschillende wijze invulling aan te geven.

Redenen genoeg dus om de visie op deze ontwikkelingen vanuit verschillende invalshoeken te vernemen. Hiertoe zullen een vooraanstaande bestuurder, toezichthouder, aandeelhouder en jurist een inleiding verzorgen.


Next page 1 / 2
  Top
Last modified on 09/07/2010 18:59:33 by Webmaster
© Universiteit Twente